Overlijdensschade: smartengeld en schadevergoeding nabestaanden

Verloor je iemand door een ongeval waarvoor een ander aansprakelijk is, dan heb je als nabestaande recht op een schadevergoeding. Die bestaat uit een vast bedrag voor je verlies en een vergoeding voor wat het kost. Wij regelen de claim en de onderhandeling met de verzekeraar. Zo hoef je dat niet te doen terwijl je rouwt. Lees hieronder waar je recht op hebt en wat er nu moet gebeuren.

De drie belangrijkste punten

  • De kosten van de uitvaart hoeven niet uit eigen zak: bij erkende aansprakelijkheid vragen wij daar direct een voorschot voor aan.
  • Je hebt recht op twee soorten vergoeding: een vast bedrag voor je verlies (affectieschade) en een vergoeding voor wat wegvalt aan inkomen en huishouding.
  • Ligt je naaste nog in het ziekenhuis? Dan is snelheid belangrijk: het recht op smartengeld over die periode vervalt als de aansprakelijke partij dat niet vóór het overlijden heeft gehoord.

Twee dingen die je op korte termijn moet weten

1. De uitvaart hoeft niet uit eigen zak

De kosten van de uitvaart komen voor rekening van de aansprakelijke partij. Maar de rekening komt binnen weken en een schaderegeling duurt maanden. Daarom vragen wij daar meteen een voorschot voor aan. Dat is geen gunst: bij een erkende aansprakelijkheid zijn uitvaartkosten de best te onderbouwen post die er is. Je hoeft er dus niet op te wachten tot de hele zaak rond is.

2. Overleed iemand niet direct? Maak haast met de tweede vordering

Lag je naaste na het ongeval nog in het ziekenhuis, dan is er naast jouw eigen vordering ook een vordering van de nalatenschap: de medische kosten, het inkomen dat hij/zij in die periode miste, en het smartengeld voor wat hij/zij heeft doorstaan. Die vordering gaat over op de erfgenamen.

Bij het smartengeld zit daar wel een voorwaarde aan. De wet vereist dat de aansprakelijke partij vóór het overlijden heeft gehoord dat er aanspraak op smartengeld wordt gemaakt. Gebeurt dat niet, dan vervalt dat deel. 

Leeft je naaste nog en is de situatie ernstig? Neem dan nu contact op. Eén brief in de goede week houdt die vordering in stand. Kon die mededeling niet meer worden gedaan, bijvoorbeeld bij een direct overlijden, dan is er nog een weg, maar die moet je bevechten in plaats van dat je hem hebt.

Welke schade wordt vergoed?

De wet regelt overlijdensschade in artikel 6:108 van het Burgerlijk Wetboek. Anders dan bij letselschade is dit een gesloten lijst: de wet noemt precies welke personen wat kunnen vorderen. Dat maakt het overzichtelijk, maar het betekent ook dat er geen ruimte is voor posten die er niet in staan.

Waar je recht op hebt Wie
Affectieschade: een vast bedrag voor het verlies zelf De kring van naasten, zie hieronder
Gederfd levensonderhoud: het wegvallen van wat je naaste financieel bijdroeg Partner en minderjarige kinderen; andere familie mits hij of zij al in hun onderhoud voorzag; huisgenoten die van deze persoon afhankelijk waren
Het wegvallen van de huishouding: wat je naaste in en om het huis deed Wie met hem of haar in gezinsverband samenwoonde
Kosten van de uitvaart Wie ze heeft betaald

Let op het derde punt, want dat wordt vaak vergeten. Ook als je naaste geen inkomen had, kan er een aanzienlijke vordering zijn: voor het huishouden, de zorg voor de kinderen en het onderhoud van huis en tuin dat nu moet worden ingekocht.

En "nabestaande" is breder dan familie. Woonde je met de overledene in gezinsverband samen zonder getrouwd of geregistreerd te zijn, dan val je onder de wet.

Hoeveel smartengeld krijg je?

Affectieschade is het smartengeld voor nabestaanden: een vast bedrag als erkenning van je verlies, dat niet afhangt van wat je kunt aantonen. De bedragen staan in het Besluit vergoeding affectieschade en hangen af van je relatie tot de overledene.

Jouw relatie tot de overledene Bij overlijden Als het een misdrijf was
Partner, geregistreerd partner of levensgezel € 17.500 € 20.000
Minderjarig kind, of ouder van een minderjarig kind € 17.500 € 20.000
Meerderjarig kind dat thuis woonde, of de ouder daarvan € 17.500 € 20.000
Pleegkind of pleegouder € 17.500 € 20.000
Wie in gezinsverband de zorg had € 17.500 € 20.000
Meerderjarig kind dat niet thuis woonde, of de ouder daarvan € 15.000 € 17.500
Andere nauwe persoonlijke relatie € 15.000 € 17.500

Die laatste kolom wordt vaak gemist, en het gaat om echt geld. Was het overlijden het gevolg van een misdrijf, dan gaat elk bedrag met € 2.500 omhoog. Dat speelt vaker dan mensen denken: wordt een bestuurder vervolgd voor dood door schuld in het verkeer, dan is dat een misdrijf. Bij een gezin met vier nabestaanden scheelt dat € 10.000.

Broers en zussen zijn geen aparte categorie in de wet. Zij kunnen alleen via de laatste regel in beeld komen, en dan gaat het om bijzondere omstandigheden, bijvoorbeeld jarenlang samenwonen met wederzijdse zorg. Dat lukt soms, maar het is uitzonderlijk.

Deze bedragen gelden sinds 2019 en zijn sindsdien niet gewijzigd. Er ligt een voorstel om ze te verhogen; is dat er doorheen, dan gelden er hogere bedragen.

Gederfd levensonderhoud: de grootste post

Dit is bij overlijdensschade vrijwel altijd het grootste deel van de vergoeding, en het is ook het deel dat het minst voorspelbaar is. Het gaat niet simpelweg om het salaris dat wegvalt.

De vraag die wordt gesteld, is wat dit huishouden nodig had. Er bestaat een landelijke richtlijn voor deze berekening, en die kijkt naar het gezin als één economische eenheid. In grote lijnen:

  1. Wat was het netto besteedbaar inkomen van het huishouden vóór het overlijden?
  2. Welke uitgaven vallen met het overlijden weg? Daar worden genormeerde percentages voor gebruikt, per gezinstype, gebaseerd op Nibud-cijfers.
  3. Wat houden de achterblijvers nog over: eigen inkomen, uitkeringen, pensioen?
  4. Welke lasten veranderen, en welke kosten komen erbij? Denk aan kinderopvang die de overledene deed, of een hypotheeklast die verandert.
  5. Het verschil is de jaarschade, en die wordt doorgerekend over de jaren die volgen.

Wat dat praktisch betekent: het uitgangspunt is dat jullie de levensstandaard van vóór het overlijden moeten kunnen voortzetten. Dat is een andere vraag dan "wat verdiende hij/zij", en het is de reden dat er ook een vordering is als de overledene weinig of niets verdiende maar veel deed.

Dit is rekenwerk waarvoor een rekenkundige nodig is en waarover met de verzekeraar valt te onderhandelen. Dat is het deel waar wij het verschil maken. Lees meer over wat je kunt claimen.

Drie vergoedingen die hier buiten vallen, maar wél te claimen zijn

Deze drie horen strikt genomen niet bij de overlijdensschade van artikel 6:108 BW, maar ze zijn wel te vorderen. Juist omdat ze buiten de lijst vallen, worden ze vergeten.

  • Shockschade. Zag je het ongeval gebeuren, of werd je direct met de gevolgen geconfronteerd, en heb je daardoor zelf geestelijk letsel opgelopen? Dan is dat een eigen vordering, los van de affectieschade. Beide kunnen naast elkaar. Voorwaarde is dat het letsel door een arts of psycholoog is vastgesteld: een geloofwaardig verhaal is niet genoeg. Laat je klachten dus vastleggen.
  • Kosten die jij maakte toen je naaste nog leefde. Reiskosten naar het ziekenhuis, verlof dat je opnam, zorg die je verleende. Die lopen via een ander artikel en moeten apart worden onderbouwd, dus bewaar je bonnen en houd bij wat je deed.
  • Als het een geweldsmisdrijf was. Overleed je naaste door geweld, dan is er nog een route. Het Schadefonds Geweldsmisdrijven heeft een eigen regeling voor nabestaanden: een basisbedrag van € 5.000 voor je leed, plus vergoeding van de uitvaartkosten en van gemist inkomen als je dat kunt onderbouwen. Er is geen aangifte nodig en geen veroordeling, en de termijn is tien jaar.

Waarom het laatste punt belangrijk is: bij geweld is de dader vaak niet verzekerd, want een aansprakelijkheidsverzekering dekt geen opzet. Dan is dit vaak de route waar je schadevergoeding uitkomt. Komt er een strafzaak, dan zijn er nog meer mogelijkheden. Lees daarover meer op onze pagina over mishandeling en geweld.

Hoeveel tijd heb je?

De verjaringstermijn is vijf jaar, gerekend vanaf het moment dat je wist dat er schade was en wie daarvoor aansprakelijk is (artikel 3:310 BW).

Twee uitzonderingen die langer geven. Was het overlijden het gevolg van een strafbaar feit, dan verjaart je vordering tegen de dader niet zolang die nog strafrechtelijk vervolgd kan worden, en dat kan veel langer zijn dan vijf jaar. En zijn de kinderen van de overledene minderjarig, dan begint hún termijn pas op hun achttiende verjaardag.

Maar wacht niet af, en niet vanwege die termijn: het voorschot voor de uitvaart en de vordering van de nalatenschap zijn beide zaken van weken en niet van jaren. Lees meer over verjaringstermijnen.

Wat kost een advocaat?

Staat de aansprakelijkheid vast, dan horen de kosten van juridische hulp bij je schade. Wij verhalen die kosten op de aansprakelijke partij, in de praktijk meestal een verzekeraar. Dat staat in artikel 6:96 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek. Vergoedt die partij alle kosten, dan kost een letselschadeadvocaat je niets. Je krijgt dan geen rekening van ons en houdt je vergoeding volledig.

De wet spreekt van redelijke kosten. Daarom wordt getoetst of je een advocaat nodig had, en of de rekening klopt. Daarover discussieert een verzekeraar soms, en dat gesprek voeren wij. Is de aansprakelijkheid nog niet erkend, dan spreken we vooraf af wat bij jouw situatie past. En heb je een rechtsbijstandverzekering, dan regelen wij het contact daarmee.

Hoe het traject verloopt

  1. Wij zoeken uit wie aansprakelijk is. Bij een verkeersongeval is dat meestal snel duidelijk; bij een bedrijfsongeval of een medische fout kost het langer. Meer daarover op onze pagina over verkeersongevallen.
  2. Wij stellen die partij aansprakelijk en vragen meteen een voorschot voor de uitvaartkosten.
  3. Wij verzamelen de stukken: overlijdensakte, politierapport, inkomensgegevens, rekeningen.
  4. Wij dienen de claim in bij de verzekeraar en laten de overlijdensschade doorrekenen.
  5. Wij onderhandelen over de hoogte. Verzekeraars zetten hier hun eigen rekenkundigen op; wij zetten er een van ons tegenover.
  6. Jij beslist over de regeling. Pas als je een vaststellingsovereenkomst ondertekent, is het definitief — en dan is het ook echt definitief: daarmee geef je eventuele latere aanspraken op. Wij leggen uit wat je opgeeft voordat je tekent.

Over de doorlooptijd zijn we eerlijk. Wordt de aansprakelijkheid snel erkend, dan kan er binnen weken een voorschot zijn en binnen maanden een regeling. Wordt het betwist, of moet de overlijdensschade over tientallen jaren worden doorgerekend, dan duurt het langer. We houden je bij elke stap op de hoogte.

Hoogte smartengeld berekenen

Benieuwd hoe deze berekening tot stand komt? Op onze smartengeld-pagina vind je een aantal voorbeelden.

Hoe werkt de letselschadeprocedure?

01

Bewijs verzamelen na ongeluk

Solide bewijs vormt het fundament van je schadeclaim. Dat betekent: medische dossiers, foto's van de situatie, verklaringen van getuigen en documenten die de toedracht aantonen. Hoe sterker het bewijsmateriaal, hoe minder ruimte de tegenpartij heeft om aansprakelijkheid te betwisten.

02

Verjaringstermijn

Een letselschadeclaim verjaart. Dat betekent dat je na een bepaalde tijd geen recht meer hebt op schadevergoeding. Dolderman bewaakt de verjaringstermijn actief vanaf het eerste gesprek, zodat jouw zaak op tijd wordt ingediend en jij geen recht verspeelt door te wachten.

03

Aansprakelijk stellen

Met voldoende bewijs en een bewaakte verjaringstermijn stellen wij de verantwoordelijke partij formeel aansprakelijk. Dat gebeurt via een schriftelijke aansprakelijkheidsbrief, met juridische onderbouwing van het causale verband: het aantoonbare verband tussen het ongeluk en jouw letsel.

04

Wat kan ik claimen

Zodra aansprakelijkheid is erkend, brengen wij alle schadeposten in kaart en starten de onderhandelingen over de hoogte van de schadevergoeding. Daarin tellen zowel materiële schade (misgelopen inkomen, medische kosten, huishoudelijke hulp) als immateriële schade mee.

05

Uitbetaling

Wanneer partijen tot overeenstemming komen, wordt de afspraak vastgelegd in een eindregeling. Daarna volgt de uitbetaling. In veel zaken vragen wij ook tussentijds een voorschot aan.

Wat Dolderman Letselschade Advocaten voor je doet

Een ongeval zet je leven ongevraagd op zijn kop. Bij Dolderman Letselschade Advocaten begrijpen we dat al jouw energie naar je herstel moet gaan, en niet naar complexe discussies met verzekeraars of werkgevers. Wij nemen het volledige juridische traject van je over: van het vaststellen van de aansprakelijkheid en het bewaken van verjaringstermijnen, tot het afdwingen van voorschotten en een rechtvaardige eindvergoeding. Wij voeren de juridische strijd, zodat jij je kunt richten op je eigen welzijn.

Mr. Vincent Dolderman

Eigenaar en letselschadeadvocaat

Neem contact met ons op

We willen je zo goed mogelijk helpen. Daarom stellen we je eerst een paar korte vragen over je situatie. Zo weten we precies wat er speelt en kunnen we je direct gericht verder helpen.

Waarover gaat je aanvraag?

Neem contact met ons op

Defensie

Bedankt voor je bericht

Wij nemen zo snel mogelijk contact met je op.

Er ging iets mis bij het verzenden. Controleer je gegevens en probeer het opnieuw.

Thank you! Your submission has been received!
Oops! Something went wrong while submitting the form.
Thank you! Your submission has been received!
Oops! Something went wrong while submitting the form.

Veelgestelde vragen

01

Wie heeft recht op een vergoeding na een dodelijk ongeval?

02

Hoe hoog is het smartengeld voor nabestaanden?

03

Wat is shockschade en hoe verschilt dat van affectieschade?

04

Kan ik nog iets claimen van wat mijn naaste zelf aan schade had?

05

Hoe lang duurt het voordat er geld komt?

06

Kan ik nog claimen als het al jaren geleden is?